المختصر المفيد للمسلم
De nuttige samenvatting voor de moslim
De nuttige samenvatting voor de moslim
In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Inleiding
Geprezen zij Allah, de Heer der werelden. Moge de zegeningen en vrede zijn met de edelste van de profeten en boodschappers, onze profeet Mohammed, en met zijn familie en alle metgezellen.
Dit gezegd hebbende:
In de overvloedige genade van Allah de Verhevene, ligt het grootse geschenk aan de mensheid - de gunst van Islam. Vastberadenheid om deze godsdienst te omarmen en in navolging van Zijn voorschriften en leerstellingen te handelen, vormt een ongeëvenaarde zegening. In dit boek leert de moslim de fundamentele principes die zijn geloof oprecht maken, op een beknopte manier die de wezenlijke aspecten van deze grootse religie verduidelijkt. Het vergroot zijn kennis over zijn Heer, de Verhevene, zijn geloof, de Islam, en zijn profeet, Mohammed (vrede zij met hem). Zo zal hij Allah aanbidden met inzicht en kennis.
De wijsheid achter de schepping van de mensheid.
Allah heeft ons geschapen met een grootse wijsheid: om Hem alleen te aanbidden, zonder deelgenoten, zoals Hij de Verhevene zei: {En Ik heb de djinn en de mensen slechts geschapen om Mij te aanbidden} [Ad-Dariyyat : 56]. Dit betekent: Opdat zij Hem alleen toewijden in aanbidding, zonder deelgenoten aan Hem toe te kennen. En deze verheven doelstelling vormt het centrum van al onze handelingen en intenties in dit leven, zoals Hij, de Verhevene, zei: {Denken jullie dat Wij jullie zonder doel hebben geschapen en dat jullie niet tot Ons zullen worden teruggebracht? Verheven is Allah, de Ware Koning; er is geen god dan Hij, de Heer van de Edele Troon} [Al-Mu'minoen: 115-116].
Mijn Heer is Allah.
Allah zegt: {O mensen, aanbid jullie Heer, Die jullie en de mensen vóór jullie geschapen heeft, opdat jullie godvruchtigheid zullen hebben} (Al-Baqarah : 21).
Allah zegt: {Hij is Allah, er is geen god dan Hij} (Al-Hashr: 22).
Allah zegt: (Niets is aan Hem gelijk, en Hij is de Alhorende, de Alziende) [As-Shura: 11].
Allah is mijn Heer en de Heer van alles, de Bezitter, de Schepper, de Voorziener, de Bestuurder van alles.
Hij alleen is het waardig om aanbeden te worden, er is geen andere Heer of God dan Hem.
Hij bezit de prachtige namen en verheven eigenschappen die Hij voor zichzelf heeft vastgesteld en die Zijn Profeet (vrede zij met hem) heeft bevestigd. Hij heeft het toppunt van volmaaktheid en schoonheid bereikt, niets is aan Hem gelijk, en Hij is de Alhorende, de Alziende.
Onder Zijn prachtige namen zijn:
Hij is de Voorziener, de Barmhartige , de Almachtige, de Koning, de Alhorende, de Vredige, de Alziende, de Beschermer, de Schepper, de Subtiele, de Voldoende, de Vergevensgezinde.
De Voorziener: Hij die zorgt voor de voorziening van Zijn dienaren, waardoor hun harten en lichamen standhouden.
De Meest Barmhartige: Hij beschikt over een wijdverbreide en immense genade, die alles omvat.
De Almachtige: Hij beschikt over een volmaakte macht, waar geen zwakte of tekort aanwezig is.
De Koning: Gekenmerkt door grootsheid, overheersing en het beheer van alles, Hij is de Eigenaar van alles wat er is.
De Alhorende: Hij die alle hoorbare geluiden, zowel stilletjes gefluister als luide uitingen hoort, evenals de smeekbeden en toewijding van Zijn dienaren naar Hem.
De Vredige: Hij die vrij is van elke tekortkoming, gebrek en fout.
De Alziende: Degene Wiens blik alles omvat, hoe klein en onopvallend ook, met perfect inzicht in de diepten ervan.
De Beschermer: Hij die zorgt voor de voorzieningen van Zijn schepping en hun belangen behartigt. Hij is de voogd die voor Zijn dienaren zorgt, hen bijstaat en hun zaken regelt.
De Schepper: Degene die alles heeft geschapen zonder enig precedent.
De Welwillende: Hij die Zijn dienaren eer bewijst, hen genade toont en hen in hun behoeften voorziet.
De Voldoende: Hij die Zijn dienaren voorziet van alles wat ze nodig hebben, en Hij heeft geen hulp nodig van anderen. Hij is degene die onafhankelijk is en anderen afhankelijk van Hem maakt.
De Vergevingsgezinde: Hij die Zijn dienaren beschermt tegen het kwaad van hun zonden en hen er niet voor straft.
Mijn Profeet Mohammed (vrede zij met hem).
Allah zegt: {Voorzeker, er is voor jullie een Boodschapper onder jullie zelf, Het doet hem zeer als jullie lijden. Hij is bezorgd om het welzijn van de gelovigen, barmhartig en genadevol} [At-Tawba: 128].
Allah zegt: {En Wij hebben jou enkel als een barmhartigheid voor de werelden gezonden}. (Al-Anbiya'e: 107).
Mohammed (vrede zij met hem), de geschonken genade:
Hij is Mohammed, de zoon van Abdullah, de zoon van Abdul-Muttalib, de zoon van Hashim. Hashim behoort tot de Quraish-stam en de Quraish behoren tot de Arabieren.
Zijn moeder was Amina bint Wahb, en zijn voedster was Halima Al-Sa'diya. Mohammed (vrede zij met hem) trouwde met elf vrouwen en stierf terwijl negen van hen nog in leven waren.
De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) had zeven kinderen: drie jongens en vier meisjes. De jongens waren Al-Qasim, Abdullah en Ibrahim, en de meisjes waren Zainab, Ruqayyah, Umm Kulthum en Fatima.
Het is verplicht om gehoorzaam te zijn aan hem in wat hij heeft bevolen, en zijn verkondigingen te geloven, en te vermijden wat hij heeft verboden en afkeurt. En dat Allah alleen aanbeden wordt volgens wat Hij heeft voorgeschreven.
De boodschap van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) en alle profeten vóór hem was de oproep tot de aanbidding van Allah alleen, zonder enige deelgenoten. Zoals Allah zegt: {En Wij zonden vóór jou geen boodschapper zonder dat Wij aan hem openbaarden: Er is geen god buiten Mij, dus aanbid Mij} [Al-Anbiya'e :25].
Hij (vrede zij met hem) is de laatste Profeet en Boodschapper, zoals de Verhevene heeft gezegd: (Mohammed is niet de vader van één van jullie mannen, maar de Boodschapper van Allah en het zegel van de profeten. Allah is Alwetend over alles) [Al-Ahzab:40].
Hij, verheven zij Hij, zond hem (Mohammed) met de religie van Islam als Boodschapper naar de gehele mensheid zoals Allah zei: {Wij hebben jou slechts als verkondiger van goed nieuws en waarschuwer naar alle mensen gestuurd, maar de meeste mensen weten het niet} [Saba'e:28].
Hij (vrede zij met hem) heeft aanzienlijke rechten over elke moslim, waaronder:
1- Het geloof in zijn profeetschap en waarachtigheid, het vasthouden aan wat hij heeft geopenbaard van een groot wettelijk systeem, gehoorzamen en volgen van zijn leer. Zoals Allah zegt: {En hij spreekt niet uit eigen begeerte *. Het is niets anders dan een openbaring die hem wordt gegeven} [An-Nadjm: 3-4].
2- Het is verplicht om hem (vrede zij met hem) lief te hebben en deze liefde boven de liefde voor zichzelf, zijn kinderen en alle schepselen te stellen. Deze liefde houdt in dat men de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) volgt in zijn leiding en gehoorzaamt aan wat hij heeft bevolen, en dat men zich onthoudt van wat hij heeft verboden en afgekeurd.
3- Het is verplicht om hem (vrede zij met hem) te eren, te ondersteunen, te verheerlijken en te vereren.
4- Het is verplicht om zegeningen te sturen naar hem (vrede zij met hem). Dit houdt in dat men Allah prijst voor de Profeet (vrede zij met hem) en vraagt dat Zijn herinnering verheven en geëerd wordt. De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) heeft gezegd: (Wie mij zegent met één zegening, Allah zal hem tien zegeningen schenken) Overgeleverd door Muslim.
5- Het verbod op overdrijving in zijn (vrede zij met hem) eer en het verheffen van hem boven de rang die Allah hem heeft gegeven. De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) heeft streng gewaarschuwd tegen overdrijving en zei: "Overdrijf niet in mijn te complimenteren zoals de christenen deden met de zoon van Mariam. Ik ben slechts een dienaar, dus noem mij de dienaar van Allah en Zijn boodschapper." (Overgeleverd door Al-Bukhari)
Enkele van zijn eigenschappen (vrede zij met hem) zijn:
Eerlijkheid, barmhartigheid, geduld, moed, vrijgevigheid, goede manieren, rechtvaardigheid, nederigheid en vergevingsgezindheid.
De Heilige Koran is het Woord van mijn Heer.
Allah heeft gezegd: {O mensen, er is zeker een bewijs van jullie Heer tot jullie gekomen, en Wij hebben duidelijk licht naar jullie neergezonden.} [An-Nisa'e: 174].
De Heilige Koran is het Woord van Allah de Verhevene, waarmee Hij werkelijk heeft gesproken ( op de manier dat bij zijn perfect ie past zonder te verdrijen), en Hij heeft het geopenbaard aan Zijn profeet Mohammed (vrede zij met hem) om de mensen uit de duisternis naar het licht te leiden en hen te begeleiden op het rechte pad. Wie het leest, zal een grote beloning ontvangen, en wie handelt volgens zijn leiding zal het rechte pad bewandelen. Overgeleverd door Abdullah ibn Mas'ud (moge Allah tevreden zijn met hem), dat de boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: (Wie een letter leest uit het Boek van Allah, zal een beloning ontvangen, en elke beloning wordt met tien keer vermenigvuldigd. Ik zeg niet dat 'Alif, Lām, Mīm' één letter is, maar 'Alif' is één letter, 'Lām' is één letter en 'Mīm' is een letter) Overgeleverd door At-Tirmidhi.
Allah heeft het beschermt voor veranderingen en vervorming en heeft het tot een eeuwig teken gemaakt tot de Dag der Opstanding, zoals Hij heeft gezegd: {Voorwaar, Wij hebben de Vermaning (de Koran) neergezonden en Wij zullen er zeker over waken} [Al-Hidjr : 9]. Degenen die beweren dat de Koran onvolledig is of vervalst, ontkennen daarmee Allah en Zijn boodschapper (vrede zij met hem) en treden buiten de grenzen van de islamitische gemeenschap.
De Koran bevat wat ook in eerdere geschriften te vinden is, maar het overstijgt deze met meer goddelijke voorschriften en morele richtlijnen. Het bevestigt de waarheid van wat daarin werd verkondigd. Er is geen ander boek dat in deze tijd moet worden gevolgd, geëerd en aanbeden door het reciteren en naleven ervan, behalve de Koran.
Mijn religie is de Islam
De religieuze niveaus zijn drie: Islam, Iman en Ihsan
De eerste rang: Islam
Islam betekent volledige overgave aan Allah door het geloven in Zijn eenheid (Tawheed), volgzaamheid aan Zijn geboden en het afwijzen van enige vorm van polytheïsme en zijn aanhangers.
De zuilen van de Islam
De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) zei: (De pijlers van de Islam zijn vijf: de getuigenis dat er geen god is dan Allah en dat Mohammed Zijn Boodschapper is, het verrichten van het gebed, het geven van de zakaat, het vasten tijdens de maand Ramadan en het verrichten van de bedevaart naar het Huis (de Ka'bah)) Overgeleverd door Al-Bukhari en Muslim.
De pilaren van de Islam zijn aanbiddingen die elke moslim verplicht is te volgen. Het geloof in hun is een verplichting en de praktijk ervan zijn essentieel voor het geldig worden van iemands Islam, omdat de Islam hierop is gebouwd. Daarom worden ze de pijlers van de Islam genoemd.
De vijf pijlers van de Islam zijn:
De eerste pijler: Het getuigen dat er geen god is buiten Allah en dat Mohammed Zijn boodschapper is.
Allah zegt: {Weet dan dat er geen god is buiten Allah} [Mohammed: 19].
En Allah zegt: {Voorzeker, er is een Boodschapper onder jullie gekomen (de profeet Mohammed vrede en zegeningen zij met hem), die het zwaar te verduren heeft, wanneer jullie moeilijkheden ondervinden, vol zorg voor jullie welzijn, vol genade en barmhartigheid jegens de gelovigen} [At-Tawbah: 128].
De betekenis van de getuigenis dat er geen god is buiten Allah: Er is geen ware god dan Allah die het recht heeft op aanbidding en overgave.
De betekenis van de getuigenis dat Mohammed de Boodschapper van Allah is: Zijn gehoorzaamheid aan wat hij beveelt, het getuigen van de waarheid van wat hij verkondigt, het vermijden van wat hij verbiedt en afkeurt, en dat Allah alleen wordt aanbeden zoals Hij heeft voorgeschreven.
De tweede pijler: Het verrichten van het gebed.
En Allah zegt: {En onderhoud het gebed} [Al-Baqarah: 110].
Het onderhouden van het gebed betekent het verrichten ervan op de manier die Allah heeft voorgeschreven en zoals onze Profeet Mohammed (vrede zij met hem) het ons heeft aangeleerd dus met de pilaren en eisen en verplichtingen ervan zoals op tijd en in staat van reinheid.
De derde pijler: Het geven van de zakat.
Allah zegt: {En betaal de zakaat} [Al-Baqarah: 110].
Allah heeft het geven van zakaat als verplichting gesteld als een beproeving van het ware geloof van de moslim, als dankbaarheid aan zijn Heer voor de gunsten van rijkdom die Hij heeft geschonken, en als ondersteuning voor de armen en behoeftigen.
En het geven van zakaat wordt gedaan door het te schenken aan degenen die er recht op hebben
Zakaat is een verplicht recht in het bezit, wanneer het een bepaalde hoeveelheid bereikt, en het wordt gegeven aan acht categorieën die in de Heilige Koran worden genoemd, waaronder de armen en behoeftigen.
Het vervullen van Zakaat is doordrenkt van barmhartigheid en mededogen, het zuivert de ziel en het bezit van de moslim, het brengt vreugde in de harten van de armen en behoeftigen, en het versterkt de banden van liefde en broederschap tussen de leden van de moslimgemeenschap. Daarom verheugt de oprechte moslim zich om het te geven, met een gelukkig hart, vanwege het geluk dat het anderen brengt.
De Zakaat op bezittingen bedraagt 2,5% van het totaal aan spaargeld, goud, zilver, contant geld en handelsartikelen die bestemd zijn voor in- en verkoop met winst, op voorwaarde dat hun waarde een bepaald bedrag heeft bereikt en er een volledig Islamitische jaar is verstreken.
Eveneens is Zakaat verplicht voor degene die een bepaald aantal vee bezit, zoals kamelen, koeien of schapen, indien deze dieren gedurende het grootste deel van het jaar grazen op de grond zonder dat de eigenaar hen bijvoert.
Evenzo is Zakaat verplicht voor zaken die vanuit de aarde worden opgegraven, zoals rikaz (begraven schatten uit de tijd voor de islam), en ook voor gewassen, vruchten en mineralen, als ze een bepaalde hoeveelheid bereiken.
De vierde pijler: Het vasten van de maand Ramadan.
Allah zegt: {O jullie die geloven, het vasten is jullie voorgeschreven zoals het voor degenen vóór jullie was voorgeschreven, opdat jullie Godsvrezig zullen zijn} [Al-Baqarah: 110].
Ramadan is de negende maand van de islamitische kalender. Het is een geëerde maand onder de moslims en heeft een speciale status ten opzichte van de andere maanden van het jaar. Het vasten gedurende deze maand is één van de vijf zuilen van de Islam.
Het vasten van Ramadan is een vorm van aanbidding aan Allah, waarbij men zich onthoudt van eten, drinken en andere verlangens vanaf de dageraad tot zonsondergang gedurende de gezegende maand Ramadan.
De vijfde pijler: Het verrichten van de bedevaart naar de Heilige Moskee van Allah.
Allah zegt: {En het is voor Allah een verplichting voor de mensheid om de bedevaart naar het Huis te verrichten voor wie daartoe in staat is in termen van middelen} [Al 'Imran: 97].
De bedevaart (Hadj) wordt uitgevoerd door degenen die er de mogelijkheid voor hebben, eenmaal in hun leven. Het omvat het bezoeken van de heilige moskee en heilige plaatsen in Mekka om specifieke aanbiddingen uit te voeren gedurende een vastgestelde tijd. De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) en andere profeten vóór hem hebben de bedevaart verricht, en Allah heeft Ibrahim (vrede zij met hem) opgedragen om de mensen op te roepen tot de bedevaart, zoals vermeld in de Heilige Koran: {En kondig onder de mensen de bedevaart aan, zij zullen te voet en op elke magere kameel van elke verre berg komen} [Al-Hadj: 27].
De tweede rang: Geloof (Al-Imaan)
Geloof (Imaan) is het bevestigen, diep geloven en volledig erkennen waar Allah en Zijn Boodschapper mee gekomen zijn. Het is een innerlijke overtuiging van het hart, met overtuigingen die zich manifesteren in zowel innerlijke als uiterlijke daden. Het omvat het naleven van de gehele religie en groeit door gehoorzaamheid en neemt af door zonden. Het is dus aan elkaar gekoppeld het hart aan de tong en ledematen. Dus ziet men ongeloof in de handelingen dan duidt dat op ongeloof in het hart, dat in algemeen maar er zijn uitzonderingen.
De pilaren van het geloof (Imaan) zijn als volgt:
De Profeet Mohammed (vrede zij met hem) werd gevraagd over het geloof, waarop hij antwoordde: (Geloof in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken, Zijn boodschappers, de Laatste Dag, en geloof in het goede en het kwade van de voorbeschikking).
De pilaren van het geloof zijn de spirituele handelingen die elke moslim moet naleven. Het is niet mogelijk om als persoon moslim te zijn zonder in deze pilaren te geloven en ernaar te handelen. Daarom worden ze pilaren van het geloof genoemd. Het verschil tussen de pilaren van het geloof (Imaan) en de pilaren van de Islam is dat de pilaren van de Islam uiterlijke handelingen zijn die een persoon met zijn ledematen verricht, zoals het uitspreken van de geloofsgetuigenis, het gebed en de zakaat. Daarentegen zijn de pilaren van het geloof innerlijke handelingen die een persoon met zijn hart verricht, zoals geloof in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken en Zijn boodschappersenz.
De eerste pijler: Geloof in Allah
Allah zegt: {Voorwaar, de gelovigen zijn degenen die geloven in Allah} [An-Nur: 62].
Wij geloven in het bestaan van Allah en erkennen Zijn eenheid in Zijn Heerschappij, Goddelijkheid, Namen en Eigenschappen. Het geloof in Allah omvat het volgende:
- Het geloof in Zijn bestaan, verheven is Hij.
- Het geloof in Zijn heerschappij, verheven is Hij, dat Hij de Heer van alles is, de Schepper, Voorziener en Bestuurder van Zijn schepping degene die zowel de Universele regels als haram en halal regels maakt en niemand naast hem.
Wij geloven in Zijn Goddelijkheid, geprezen zij Hij, en dat Hij alleen het recht heeft om aanbeden te worden zonder deelgenoten, zoals het gebed, het smeken, het doen van geloften, het offeren, het zoeken van hulp en bescherming, en alle andere vormen van aanbidding.
Het geloof in de prachtige Namen en verheven Eigenschappen van Allah, die Hij voor Zichzelf heeft bevestigd of die door Zijn Profeet (vrede zij met hem) zijn bevestigd, en het ontkennen van wat Hij ontkent voor Zichzelf of wat door de Profeet (vrede zij met hem) wordt ontkend. We begrijpen dat Zijn Namen en Eigenschappen het toppunt van perfectie en schoonheid bereiken, en dat er niets is wat met Hem te vergelijken valt. Nog verdraaien we zijn eigenschappen niet, nog zijn we eraan ongelovig, In tegendeel zijn we er volledig gelovig in zoals alles waarmee de Islam is gekomen. Hij is de Alhorende, de Alziende.
De tweede pijler: Geloof in de engelen.
Allah zegt: (Alle lof zij Allah, de Schepper van de hemelen en de aarde, Die de engelen tot boodschappers heeft gemaakt met twee, drie of vier paar vleugels. Hij schept wat Hij wil, want Allah heeft macht over alle dingen) [Fatir: 1].
Wij geloven dat de engelen wezens zijn van het ongeziene, en dat zij dienaren van Allah zijn, geschapen van licht en zij gehoorzamen en eren Allah.
Zij zijn een grootschepping waarvan enkel Allah, de Verhevene, de kracht en het aantal kent, en elk van hen heeft eigenschappen, namen en taken die Allah, de Verhevene, hun heeft toegewezen. Onder hen is Djibril (Gabriël) vrede zij met hem, belast met openbaringen van Allah.
De derde pijler: Geloof in de Boeken
Allah zegt: {Zeg: 'Wij geloven in Allah en in wat naar ons is neergezonden, en in wat naar Ibrahim, Isma'il, Ishaq, Ya'qub en de stammen is neergezonden, en in wat aan Musa en Isa is gegeven, en in wat aan de profeten is gegeven van hun Heer. Wij maken geen enkel onderscheid tussen hen, en wij hebben ons aan Hem overgegeven} [Al-Baqarah :136].
Wij geloven dat Allah de Verhevene boeken heeft neergezonden naar Zijn boodschappers, als bewijs voor de werelden en als leidraad voor hun.
Zij onderwijzen hen daardoor wijsheid en reinigen hen.
En dat Allah, de Verhevene, door het zenden van Zijn Profeet Mohammed (vrede zij met hem) naar alle mensen, alle eerdere wetten heeft geannuleerd en vervangen, en de nobele Koran tot heerser heeft gemaakt over alle eerdere hemelse boeken, waarbij het ze heeft vervangen. Allah heeft beloofd dat hij het bewaren van de nobele Koran tegen elke vorm van wijziging of vervalsing, zoals Hij zegt: {Wij zijn het die de Vermaning hebben neergezonden en Wij zullen er zeker de bewakers van zijn} [Al-Hidjr: 9]. Omdat de nobele Koran het laatste boek is dat Allah heeft geopenbaard aan de mensheid, en Zijn Profeet Mohammed (vrede zij met hem) de laatste der profeten is, en de religie van de islam is de religie die Allah heeft aanvaard voor de mensheid tot aan het Laatste Uur, zoals Hij zegt: {Voorwaar, de godsdienst bij Allah is de Islam} [Al-Imran: 19].
En de hemelse geschriften die Allah heeft genoemd in Zijn boek zijn:
De Heilige Koran: Allah heeft het geopenbaard aan Zijn Profeet Mohammed (vrede zij met hem).
De Thora: Allah heeft het geopenbaard aan Zijn profeet Moessa (vrede zij met hem).
Het Evangelie: Allah heeft het geopenbaard aan Zijn profeet Issa (vrede zij met hem).
De Zaboor: Allah heeft het geopenbaard aan Zijn profeet Daoud (vrede zij met hem).
De Geschriften van Ibrahim: Allah heeft ze geopenbaard aan Zijn profeet Ibrahim (vrede zij met hem).
De vierde pijler: Geloof in de boodschappers.
Allah zegt: {En waarlijk, Wij hebben in elke gemeenschap een boodschapper gestuurd die zegt: 'Dien Allah en mijd de valse goden} [An-Nahl: 36].
Wij geloven dat Allah de Verhevene boodschappers heeft gestuurd naar Zijn schepping om hen uit te nodigen tot de aanbidding van Allah alleen, zonder deelgenoten aan Hem toe te schrijven, en om ongelovig te zijn in alles wat naast Hem wordt aanbeden en te verwerpen.
En dat zij allemaal menselijke dienaren van Allah zijn, eerlijk en betrouwbaar, godvrezend en betrouwbaar, leidende en geleide mensen. Allah heeft hen ondersteund met duidelijke tekenen van hun waarachtigheid, en zij hebben al hetgeen dat Allah hen heeft gestuurd overgebracht. Allen waren zij op het duidelijke juiste pad en het heldere leidende pad.
Hun roep is in overeenstemming geweest, van het begin tot het einde, in de essentie van het geloof, namelijk het monotheïsme van Allah, de Verhevene, in aanbidding en niks of iemand anders met Allah associëren.
De vijfde pijler: Geloof in het Hiernamaals.
Allah zegt: {Allah, er is geen god dan Hij. Hij zal jullie zeker allen op de Dag der Opstanding verzamelen, waarover geen twijfel is. En wie is er waarachtiger dan het woord van Allah} [An-Nisa'e: 87].
Wij geloven in de Dag des Oordeels, de Laatste Dag waarop er geen dag meer zal zijn na die dag. Wij geloven in alles wat daarmee samenhangt, zoals vermeld in het eerbiedwaardige Boek van onze Heer, de Verhevene, of overgeleverd door onze Profeet Mohammed (vrede zij met hem), zoals het graf, de wederopstanding, het verzamelen van de mensen, de voorspraak, de weegschaal, de afrekening, het paradijs en de hel, en andere zaken die betrekking hebben op de Dag des Oordeels.
De zesde pijler: Geloof in de voorbeschikking, zowel het goede als het kwade.
Allah zegt: Allah zegt: {Voorwaar, Wij hebben alles volgens een vastgestelde maat geschapen} [Al-Qamar: 49].
Wij geloven in de voorbeschikking (lot), zowel het goede als het kwade ervan. Allah bepaalt wat er gebeurt met alles in de schepping, gebaseerd op Zijn voorkennis en wijsheid. Alles wat er in deze wereld met schepsels gebeurt, gebeurt met de kennis, het decreet en de voorzienigheid van Allah alleen, zonder deelgenoten. Deze decreten zijn vastgesteld vóór de schepping van de mens. De mens heeft echter wilskracht en keuzevrijheid, en hij is daadwerkelijk verantwoordelijk voor zijn daden. Maar dit alles valt niet buiten de kennis, wil en voorzienigheid van Allah.
Het geloof in de voorbeschikking rust op vier niveaus, namelijk:
De eerste is het geloof in het alomvattende en alomtegenwoordige kennis van Allah.
De tweede is het geloof in de vaststelling (het is geschreven in Louh Mahfoedz) van Allah voor alles wat bestaat tot aan de Dag des Oordeels.
De derde is het geloof in de bevoegde wil en absolute macht van Allah, wat Hij wil, gebeurt en wat Hij niet wil, zal nooit plaatsvinden.
De vierde is het geloof dat Allah de Schepper is van alles, zonder enige deelgenoten in Zijn schepping.
Derde pijler: Ihsan (perfectie, het streven naar perfectie).
Ihsan is: Allah aanbidden alsof je Hem ziet, en als je Hem niet ziet, weet dan dat Hij jou ziet. {Voorwaar, Allah is met degenen die godvrezend zijn en degenen die goeddoen} [An-Nahl: 128].
De reinheid
Allah zegt: {Voorwaar, Allah houdt van degenen die zich vaak tot Hem wenden in berouw en van degenen die zich reinigen} [Al-Baqarah: 22].
Allah zegt: (Wie zijn wudu op dezelfde wijze als de mijne doet en vervolgens twee gebedseenheden verricht zonder zijn gedachten te laten afdwalen, Allah zal al zijn voorgaande zonden vergeven) Overgeleverd door Al-Bukhari.
Een van de grootse aspecten van het gebed is dat Allah de reiniging ervan heeft voorgeschreven en het tot een voorwaarde heeft gemaakt voor de geldigheid ervan. Het is de sleutel tot het gebed, en het besef van zijn deugdzaamheid maakt het hart verlangend om te bidden. De profeet Mohammed (vrede zij met hem) zei: Reinheid is de helft van het geloof, Alhamdulillah (alle lof zij Allah) vult de weegschaal, SubhanAllah (Glorieus is Allah) en Alhamdulillah (alle lof zij Allah) vullen wat er tussen de hemelen en de aarde is, het gebed is een licht, liefdadigheid is een bewijs, geduld is een licht, en de Koran is een bewijs voor je of tegen je. Iedereen gaat 's ochtends uit om zijn ziel te verkopen, hij bevrijdt het of zorgt voor zijn vernietiging. Overgeleverd door Muslim.
En hij (vrede zij met hem) zei: (Degene die de wassing verricht en deze goed uitvoert, zal zijn zonden van zijn lichaam zien wegvloeien, totdat ze zelfs onder zijn nagels verdwijnen) Overgeleverd door Muslim.
De dienaar presenteert zichzelf aan zijn Heer in een staat van uiterlijke zuivering door de wassing (wudu) en innerlijke zuivering door het verrichten van deze aanbidding, toegewijd aan Allah de Verhevene en het volgen van de leiding van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem):
Situaties waarin wudu noodzakelijk is:
1- Het gebed, zowel verplicht als vrijwillig.
2- Het verrichten van de Tawaf (rondgang) rond de Ka'bah.
3- Het aanraken van de Koran.
Ik verricht de wassing en ik reinig mezelf met het reinigende water:
Het reinigende water is elk water dat vanuit de hemel neerdaalt of ontspringt uit de aarde en zijn oorspronkelijke eigenschappen behoudt, zonder enige verandering in zijn drie kenmerken: kleur, smaak en geur. Er zijn enkele zaken die de reinheid van water kunnen wegnemen.
Al Wudu (kleine rituele wassing)
Stap 1: De intentie, die vanuit het hart wordt gemaakt. Het betekent dat het hart vastbesloten is om de aanbidding te verrichten als een nabijheid tot Allah de Verhevene.
Stap 2: Ik zeg: "Bismillah" (In de naam van Allah).
Stap 3: De handen wassen, drie keer.
Stap 4: De mond spoelen, drie keer.
De mond spoelen is het nemen van water in de mond, het erin bewegen en het dan weer uit spugen.
Stap 5: het water snuiven en snuiten, drie keer. De neusgaten spoelen is het nemen van water in de neus door de adem te gebruiken, en het snuiven is het uitblazen van het water en alles wat zich in de neus bevindt.
De "istinthaar" (الاستنثار): dit betekent het verwijderen van hetgeen zich in de neus bevindt, zoals slijm en andere vloeistoffen, door het uit te snuiven.
Stap 6: Het gezicht wassen, drie keer.
Het gezicht omvat:
Het gezicht: wat getroffen wordt door het zicht.
Het gezicht: van oor tot oor in de breedte.
De grens van de lengte: vanaf de haargroei op het hoofd tot aan de uiteinde van de kin.
De lengte: vanaf de haarlijn van het hoofd tot aan het uiteinde van de kin.
En het witte (bayaad) is: wat zich bevindt tussen de kin en het oorlel.
En de "al-'uzar" is het haar dat boven het uitstekende bot groeit, parallel aan het gaatje van het oor, naar binnen toe naar het hoofd, en wat er vanaf is gevallen naar het oorlel.
Op dezelfde wijze omvat het wassen van het gezicht al het zichtbare dichte haar van de baard, samen met wat eruit steekt.
Stap 7: Was de handen vanaf de vingertoppen tot aan de ellebogen, driemaal.
En de ellebogen zijn inbegrepen in het verplichte wassen van de handen.
Stap 8: Wrijf het hele hoofd met beide handen, inclusief de oren, één keer.
Hij begint bij de voorkant van zijn hoofd, wrijft met beide handen naar achteren en keert dan terug.
Hij steekt zijn wijsvingers in zijn oren en beweegt zijn duimen over het oppervlak van zijn oren, zo veegt hij zowel de buitenkant als de binnenkant van zijn oren schoon.
Stap 9: Hij wast zijn beide voeten vanaf de tenen tot aan de enkels, drie keer, en hij neemt de hielen mee in het verplichte wassen van de voeten.
De twee enkels zijn de twee uitstekende botten aan de onderkant van het onderbeen.
Stap 10: Het is aanbevolen voor een moslim om na de wassing (het verrichten van de wudu) te zeggen: "Ashhadu alla ilaha illallah wahdahu la sharika lahu, wa ashhadu anna Muhammadan 'abduhu wa rasuluh, Allahumma-dj'alni min at-tawwabina wa-j'alni min al-mutatahhirin." Dit is gebaseerd op de uitspraak van de Profeet (vrede zij met hem): "Wie de wudu perfect verricht en daarna zegt: 'Ik getuig dat er geen god is dan Allah, Hij is Enige zonder enige deelgenoot, en ik getuig dat Muhammad Zijn dienaar en boodschapper is. O Allah, maak mij tot een van de berouwvollen en degenen die zich reinigen,' dan worden voor hem de acht poorten van het paradijs geopend, waaruit hij mag binnengaan vanaf welke poort hij maar wil." (Overgeleverd door At-Tirmidhi).
De volgende zaken verbreken de wudu:
1- Het verbreken van de kleine wassing door zaken zoals urineren, ontlasten, winden laten, zaadlozing en voorvocht.
2- Het verliezen van het bewustzijn door diepe slaap, flauwvallen, dronkenschap of krankzinnigheid.
3- Alles wat een volledige rituele reiniging vereist, zoals na geslachtsgemeenschap, menstruatie en postnatale bloeding.
Wanneer iemand zijn behoefte heeft gedaan, is het verplicht voor hem om de onreinheid te verwijderen. Dit kan worden gedaan met reinigend water, wat de voorkeur heeft, of met andere reinigingsmiddelen waarmee de onreinheid wordt verwijderd. In dat geval moet men het getroffen gebied driemaal of meer wrijven met een zuiverend middel, bij voorkeur met iets dat rein en toegestaan is.
Het vegen over de leerkousen en sokken
Als men sokken of leerkousen draagt, is het toegestaan om erover te vegen zonder dat men de voeten hoeft te wassen, onder de volgende voorwaarden, namelijk:
1- Ze moeten gedragen worden na volledige reinheid van de kleine en grote gebeurtenissen.
2- Ze moeten rein en niet onrein zijn.
3- Het vegen (over de kousen) moet binnen de voorgeschreven tijd plaatsvinden (24 uur vanaf het moment van aantrekken).
4- Ze moeten halal zijn, dus ze mogen niet gestolen of onrechtmatig verkregen zijn.
De "Khuffaan" zijn: Wat op de voet wordt gedragen, zoals dun leer en dergelijke, en ook schoenen die de voeten bedekken. De "Djawrbaan" zijn: wat een persoon op zijn voeten draagt, zoals stof en dergelijke, en ook wat bekend staat als "Sharraab".
De wettigheid van het afvegen op de "khuffain" (lederen sokken): De reden voor het afvegen op de "khuffain" is om gemak en verlichting te bieden aan moslims, vooral wanneer het moeilijk is om de khuff of sokken uit te trekken en de voeten te wassen, vooral tijdens koude winters en het reizen.
De duur van "mas'h"(het overvegen) : Voor een niet-reiziger (iemand die op één plaats verblijft): 24 uur (een dag en een nacht). Voor een reiziger: 72 uur (drie dagen en hun nachten).
De duur van het overvegen: Voor een persoon die thuis is, is het één dag en één nacht (24 uur). Voor een reiziger is het drie dagen en nachten (72 uur).
De manier van het vegen over de sokken of kousen is als volgt:
1- Maak je handen nat.
2- Wrijf je hand over de bovenkant van de voet (van de tenen tot aan het begin van het been).
3- Over de rechtervoet vegen met de rechterhand en de linkervoet met de linkerhand.
Zaken die het vegen ongeldig maken: 1. Wat het wassen vereist. 2. Het verstrijken van de geldige periode voor het vegen.
De rituele wassing
Indien een man of vrouw geslachtsgemeenschap heeft, zelfs als er geen zaadlozing plaatsvindt, of als zaad is vrijgekomen door opwinding tijdens waakzaamheid of tijdens slaap, dan is het verplicht voor hen om te wassen (ghusl) voordat ze kunnen bidden of andere handelingen die rituele reiniging vereisen. Evenzo, wanneer een vrouw zich heeft gereinigd van menstruatie of postnatale bloeding, is het verplicht voor haar om te wassen (ghusl) voordat ze kan bidden of andere handelingen verricht die rituele reiniging vereisen.
De beschrijving van de rituele wassing is als volgt:
De moslim dient zijn hele lichaam met water te overgieten, ongeacht de manier waarop dit gebeurt. Dit omvat ook het spoelen van de mond en het opsnuiven van water in de neus. Wanneer het lichaam volledig met water is overgoten, verdwijnt de grote onreinheid en wordt de zuiverheid bereikt.
En er is nog een andere volmaakte handeling die de Profeet (vrede zij met hem) placht te verrichten, en het is als volgt:
01 Intentie om de grote onreinheid op te heffen.
02 De intentie maken, de handen driemaal wassen en vervolgens de intieme delen reinigen.
03 De volledige wudhu, zoals een moslim wudhu voor het gebed doet.
04 Water over het hoofd gieten, driemaal, waarbij de wortels van het haar worden bevochtigd (zowel mannen als vrouwen).
05 Het gehele lichaam met water wassen, te beginnen met de rechterkant en vervolgens de linkerkant, terwijl je met de handen wrijft om ervoor te zorgen dat het water alle delen van het lichaam bereikt.
Het is verboden voor een persoon in staat van grote onreinheid (djunub) om het volgende te doen totdat hij zich heeft gereinigd:
01 Het gebed.
02 De Tawaf rond de Ka'bah.
03 Het verblijf in de moskee, maar het is toegestaan om er alleen doorheen te lopen zonder te verblijven.
04 Het aanraken van de Koran.
05 Het reciteren van de Koran.
De droge wassing( Tayamoem)
Als een moslim geen water vindt waarmee hij zich kan reinigen, of als hij niet in staat is water te gebruiken vanwege ziekte of iets dergelijks, en hij vreest dat de tijd voor het gebed zal verstrijken, dan kan hij zich reinigen met aarde.
De manier hiervoor is om met beide handen eenmaal op de grond te slaan en vervolgens het gezicht en de handpalmen ermee te vegen. Het is een voorwaarde dat de aarde rein is.
Het tayammum (ritueel van het wassen met aarde) wordt ongeldig gemaakt door de volgende zaken:
1- Het tayammum (ritueel van het wassen met aarde) wordt ongeldig gemaakt door zaken die ook de wudu ongeldig maken.
Als er water wordt gevonden voordat de aanbidding waarvoor tayammum is gedaan, begint.
Het gebed
Allah heeft voor de moslim vijf gebeden per dag verplicht gesteld, namelijk: het Fajr-gebed (ochtendgebed), het Dhuhr-gebed (middaggebed), het Asr-gebed (namiddaggebed), het Maghrib-gebed (avondgebed) en het Isha-gebed (nachtgebed).
De voorbereiding op het gebed.
Wanneer het gebedstijdstip aanbreekt, reinigt de moslim zich van kleine en grote onreinheden, als hij/zij in een staat van grote onreinheid verkeert.
De grote onreinheid is waarbij een moslim verplicht is om zich te wassen (te reinigen).
De kleine onreinheid is waarbij een moslim verplicht is om de wudhu ( kleine rituele wassing) te verrichten.
Een moslim bidt met schone kleding op een reine plek, vrij van onreinheden, terwijl hij zijn lichaam bedekt.
Een moslim siert zich met passende kleding tijdens het gebed en bedekt zijn lichaam ermee. Het is niet toegestaan voor een man om tijdens het gebed iets te tonen wat zich tussen de navel en de knie bevindt.
Een vrouw moet haar hele lichaam bedekken tijdens het gebed, behalve haar gezicht en handpalmen.
In het gebed spreekt een moslim alleen de specifieke woorden uit die bij het gebed horen, en luistert naar de imam. Hij kijkt niet om zich heen tijdens het bidden. Als hij moeite heeft om de woorden van het gebed te onthouden, dan gedenkt en prijst hij Allah totdat het gebed voorbij is, en het wordt van hem verwacht dat hij zich inspant om het gebed en de bijbehorende woorden te leren.
Om correct te kunnen bidden, met de wil van Allah, volgen we deze stappen en houden we eraan vast:
Stap 1: De intentie maken voor de verplichte handeling (gebed) die ik wil uitvoeren, met mijn hart als de plaats van intentie.
Nadat ik wudhu heb gedaan, richt ik me tot de Qibla (de richting van de Ka'aba in Mekka) en bid ik staand als ik daartoe in staat ben.
Stap 2: Ik hef mijn handen op tot aan mijn schouders en zeg: "Allahoe Akbar", met de intentie om het gebed te beginnen.
Stap 3: Ik reciteer de openingssmeekbede (dua al-istiftah) die is overgeleverd, waaronder het volgende wordt gezegd: (Glorieus en geprezen bent U, O Allah. Gezegend is Uw naam en verheven is Uw majesteit. Er is geen god dan U.). "Subhanaka Allahumma wa bihamdika, wa tabarakasmuka, wa ta'ala jadduka, wa la ilaha ghayruka."
Stap 4: Ik zoek toevlucht bij Allah tegen de vervloekte duivel en zeg: (A'udhu billahi min ash-shaitan ar-rajim).(Ik zoek toevlucht bij Allah tegen de duivel).
Stap 5: Ik lees Surah Al-Fatiha in elke rak'ah en het is als volgt: (Alle lof zij Allah, de Heer der Werelden. De Meest Barmhartige, de Meest Genadevolle. De Meester van de Dag des Oordeels *. U alleen aanbidden wij en U alleen vragen wij om hulp. Leid ons op het rechte pad. het pad van degenen aan wie U genade heeft geschonken; niet (het pad) van degenen op wie de toorn rust, noch dat van de dwalenden)
Vervolgens zeg ik: "Ameen", wat betekent: O Allah, verhoor (ons gebed).
Ik reciteer na Al-Fatiha wat mogelijk is van de Koran in alleen de eerste en tweede Rak'ah van elke gebedsverrichting, en dit is geen verplichting, maar het heeft een grote beloning bij het uitvoeren ervan.
Stap 6: Ik zeg "Allahu Akbar" en ga vervolgens in de buiging (ruko'e) totdat mijn rug vlak is en mijn handen op mijn knieën rusten met mijn vingers gespreid. Dan zeg ik tijdens de buiging: ''Glorieus is mijn Heer, de Grootse'' (Subhana Rabbiyal 'Adzeem) driemaal.
De stap 7: Sta op uit de buiging (ruku') en zeg: "Allah luistert naar wie Hem prijst" (Sami'a Allahu liman hamidah) terwijl je je handen omhoog brengt tot aan de oren. Als je recht staat, zeg dan: Onze Heer, alle lof is voor U (Rabbana wa laka l' hamd).
Stap 8: Ik zeg "Allah is de Grootste" (Allahu Akbar) en ga in de buiging neer op mijn handen, knieën, voeten, voorhoofd en neus. In mijn buiging zeg ik "Glorieus is mijn Heer, de Allerhoogste" (Subhan rabbi al-'a'la ) drie keer.
Stap 9: Ik zeg "Allah is de Grootste" (Allahu Akbar) en hef mezelf op uit de neerknieling totdat ik rechtop zit op mijn linkervoet met mijn rechtervoet omhoog, en ik zeg "Mijn Heer, vergeef mij" (Rabbi ighfir li) drie keer.
Stap 10: Ik zeg: "Allah is de Grootste" (Allahu Akbar) en ik ga opnieuw in neerknieling, net als in de eerste neerknieling.
Stap 11: Ik zeg: "Allah is de Grootste" (Allahu Akbar) en sta op vanuit de buiging totdat ik rechtop sta, en ik verricht de rest van de gebedseenheden (rak'ahs) op dezelfde manier als ik deed in de eerste eenheid.
Na de tweede eenheid van het Dhuhr-, Asr-, Maghrib- en Isha-gebed, ga ik zitten om de eerste Tashahhud te reciteren, wat als volgt is: (Alle lof zij aan Allah, en vrede en zegeningen zij met de nobele Profeet. Vrede zij met ons en met de vrome dienaren van Allah. Ik getuig dat er geen god is dan Allah, en ik getuig dat Mohammed Zijn dienaar en Boodschapper is). "Attahiyyatu lillahi was salawatu wat tayyibatu, assalamu alayka ayyuhan nabiyyu warahmatullahi wabarakatuhu, assalamu alayna wa'ala ibaadillahi ssaliheen, ash hadu an la ilaha illallah, wa ash hadu anna Muhammadan abduhu wa rasuluhu". Vervolgens sta ik op voor de derde raka'ah (eenheid) na dat.
Na de laatste raka'ah (eenheid) van elk gebed, zit ik neer om het laatste tashahhud te reciteren, en het is als volgt: At-Tahiyatu lillahi was-salawatu wat-tayyibat. As-salamu 'alayka ayyuha an-nabiyyu wa rahmatullahi wa barakatuh. As-salamu 'alayna wa 'ala 'ibadillahis-salihin. Ashhadu alla ilaha illallah, wa ashhadu anna Muhammadan 'abduhu wa rasuluh. Allahumma salli 'ala Muhammad wa 'ala ali Muhammad, kama sallayta 'ala Ibrahim wa 'ala ali Ibrahim, innaka Hamidun Majid. Allahumma barik 'ala Muhammad wa 'ala ali Muhammad, kama barakta 'ala Ibrahim wa 'ala ali Ibrahim, innaka Hamidun Majid. (De groeten, gebeden en goede daden zijn voor Allah. Vrede zij met jou, o Profeet, en de barmhartigheid en zegeningen van Allah zij met jou. Vrede zij met ons en de rechtvaardige dienaren van Allah. Ik getuig dat er geen god is dan Allah, en ik getuig dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is. O Allah, zegen Mohammed en de familie van Mohammed, zoals U Ibrahim's familie en de familie van Ibrahim hebt gezegend. U bent waardig van lof en majesteit. O Allah, schenk zegeningen aan Mohammed en de familie van Mohammed, zoals U Ibrahim's familie en de familie van Ibrahim hebt gezegend. U bent waardig van lof en majesteit).
Stap 12: Daarna geef ik de groet van vrede door naar rechts en zeg: "Assalamu 'alaikum wa rahmatullah" en vervolgens geef ik de groet van vrede door naar links en zeg ik opnieuw: "Assalamu 'alaikum wa rahmatullah". Ik ben dan van plan om de gebedspositie te verlaten, en zo heb ik mijn gebed volbracht.
De sluier van de moslimvrouw
Allah zegt: {O Profeet, zeg tegen jouw echtgenotes en jouw dochters en de vrouwen van de gelovigen dat zij hun overkleden dichter om zich heen trekken. Dat is beter zodat zij herkend zullen worden en niet lastiggevallen worden. En Allah is Vergevend, Barmhartig} [Al-Ahzab: 59].
Allah heeft de moslimvrouw opgedragen zich te bedekken en haar lichaam te verhullen voor vreemde mannen met de kleding die gebruikelijk is in haar land. Ze mag haar sluier alleen afnemen voor haar echtgenoot of voor haar mahram (naaste bloedverwanten met wie het haar permanent verboden is om te trouwen), namelijk: haar vader en diens voorouders, haar zoon en diens afstammelingen, haar ooms, haar broer en de zonen van haar broer en zuster, de echtgenoot van haar moeder, de vader van haar echtgenoot en diens voorouders, de zonen van haar echtgenoot en diens afstammelingen, haar broer via borstvoeding en de echtgenoot van de zogende vrouw. Alles wat verboden is door borstvoeding is ook verboden door bloedverwantschap.
De moslimvrouw houdt bij haar kledingkeuze rekening met verschillende richtlijnen:
Eerst en vooral: het volledige lichaam bedekken.
Ten tweede: het mag niet iets zijn dat een vrouw draagt om zichzelf op te sieren wanneer ze in het bijzijn is van vreemde mannen.
Ten derde: het mag niet doorzichtig zijn, waardoor haar lichaam zichtbaar wordt.
Ten vierde: het moet loszittend zijn, niet strak, zodat het niets van haar lichaamsvormen onthult.
Ten vijfde: het mag niet geparfumeerd zijn als ze langs vreemde mannen gaat die de geur ervan zouden kunnen ruiken
Ten zesde: het mag niet lijken op de kleding van een man.
Ten zevende: het mag niet lijken op de kleding van niet-moslimvrouwen tijdens hun religieuze ceremonies of feestdagen.
Ten achtste: het mag geen kleding zijn die aandacht trekt.
Eigenschappen van de gelovige.
Allah zegt: (Voorwaar, alleen zij zijn de gelovigen wier harten sidderen wanneer Allah genoemd wordt en wanneer Zijn verzen aan hen worden voorgelezen, doet dat hun geloof toenemen en op hun Heer vertrouwen zij). [Al-Anfal: 2]
- Hij is eerlijk in zijn gesprekken en liegt niet.
- Hij houdt zich aan zijn beloften en verbintenissen.
- Hij is niet explosief in conflicten.
- Hij vervult zijn vertrouwensplichten.
- Hij wenst voor zijn moslimbroeder wat hij voor zichzelf wenst.
- Hij is genereus.
- Hij is goed voor mensen.
- Hij onderhoudt familiebanden.
- Hij accepteert de voorbestemming van Allah en dankt Hem in tijden van voorspoed, en heeft geduld in tijden van tegenspoed.
- Hij is bescheiden.
- Hij heeft mededogen met de schepping.
- Zijn hart is vrij van haat en zijn ledematen zijn vrij van het aanvallen van anderen.
- Hij vergeeft mensen.
Hij consumeert geen rente en handelt er ook niet mee.
- Hij pleegt geen overspel.
- Hij drinkt geen alcohol.
- Hij behandelt zijn buren goed.
- Hij begaat geen onrecht en verraad.
- Hij steelt niet en bedriegt niet.
- Hij eert zijn ouders, zelfs als ze geen moslims zijn, en gehoorzaamt hen in wat goed is.
- Hij voedt zijn kinderen op in deugdzaamheid, gebiedt hen de wettelijke plichten, en verbiedt hen zedeloosheid en verboden zaken.
- Hij gedraagt zich niet naar de handelingen van de niet-moslims met betrekking tot hun religieuze kenmerken of gewoonten die een onderscheidend kenmerk en embleem voor hen zijn geworden.
- Hij toont berouw aan Allah en vraagt Hem om vergeving voor zijn tekortkomingen en zonden.
Belangrijke grondbeginselen in de geloofsovertuiging van de moslim.
01- Allah is onze Heer, er is geen god behalve Hij, er is geen heer anders dan Hij en geen god behalve Hij, er is niets vergelijkbaars met Hem, er is niets dat Hem kan overmeesteren, en Hij is de Alhorende, de Alziende.
02- Allah, Verheven en verheerlijkt, is in de hemel, hoog boven al Zijn schepselen, onderscheidend van hen. Zijn hoogheid is absoluut vanuit elk aspect: hoogheid van essentie, hoogheid van waarde, hoogheid van overheersing. En Hij, verheerlijkt zij Hij, omvat alles.
03- Wij bevestigen wat Allah, de Verhevene, voor Zichzelf heeft bevestigd of wat Zijn Profeet Mohammed (vrede zij met hem) voor Hem heeft bevestigd qua namen en eigenschappen, en wij ontkennen wat Allah over Zichzelf heeft ontkend of wat de Profeet (vrede zij met hem) voor Hem heeft ontkend.
04- Allah, de Verhevene, beantwoordt smeekbeden, vervult behoeften, heeft macht over alles, niemand anders dan Hij kan schade of voordeel brengen. De dienaar heeft geen moment zonder Hem. Het is niet toegestaan voor een moslim om zich tot iemand anders dan Allah te richten in welke vorm van aanbidding dan ook, zoals smeekbede, gebed ,geloftes, offer, angst, hoop, vertrouwen, en andere vormen van uiterlijke of innerlijke aanbidding. Degene die enige vorm van aanbidding richt op iets anders dan Allah, wordt beschouwd als iemand die partners toekent aan Allah.
05- Het grootste van alle zonden, en de meest ernstige van de grote zonden is het toekennen van partners aan Allah. Wie sterft op zo'n polytheïstische staat, voor hem is het paradijs verboden door Allah en zijn verblijfplaats zal de hel zijn. Dit is de zonde die Allah niet zal vergeven als de dienaar sterft zonder berouw te hebben getoond.
06- Wat een dienaar mist, was nooit bedoeld om hem te treffen, en wat hem treft, was nooit bedoeld om hem te missen. De moslim moet geloven in Allah Zijn voorbeschikking en Zijn decreet, tevreden zijn met Allah Zijn lot en Hem prijzen en danken in alle omstandigheden.
07- Onze Profeet Mohammed (vrede zij met hem) is de beste van de mensheid en de laatste van de profeten. Hij is de bemiddelaar wiens bemiddeling op de Dag des Oordeels wordt aanvaard. Allah koos hem als een vriend, zoals Hij ook Ibrahim vrede zij met hem, als een vriend koos.
10- Ons boek is de nobele Koran, een wonder, onfeilbaar in zijn authenticiteit, aanbeden door zijn recitatie. Allah de Verhevene heeft het aan onze Profeet Mohammed (vrede zij met hem) geopenbaard via de engel Djibriel (Gabriël), de beste van de engelen. Allah de Verhevene heeft het beschermd tegen vervalsing en verandering, zoals Hij zei: "Voorwaar, Wij zijn het die de Vermaning hebben neergezonden en voorwaar, Wij zijn daarover zeker de Wakers." [Al-Hidjr: 9].
11- De mensen die het dichtst bij Allah staan, zijn degenen die Hem het meest gehoorzamen en Zijn wetten het meest naleven. Er is geen superioriteit van een Arabier over een niet-Arabier, noch van een niet-Arabier over een Arabier, noch van een witte persoon over een zwarte persoon, noch van een zwarte persoon over een witte persoon, behalve in vroomheid. Mensen stammen af van Adam, en Adam is geschapen uit stof. Zoals Hij, geprezen zij Hij, zei: {Voorwaar, de meest eerbiedige van jullie bij Allah, is degene die Allah het meest vreest} [Al-Hujurat: 13].
12- De moslim gelooft in de nobele schrijvende engelen, erkent hun bestaan, en gelooft dat zij geschapen dienaren zijn. Allah de Almachtige heeft hen uit licht geschapen. Ze zijn deel van Allah Zijn schepping, waaronder de engel Gabriël, die verantwoordelijk is voor de openbaring, Michaël, die de regen regelt, Israfiël, die in de hoorn blaast, en de engel van de dood, die belast is met het wegnemen van de zielen van de dienaren.
13- De moslim gelooft in de tekenen van het Uur, het verschijnen van de valse Messias (Dajjal), de terugkeer van Jezus, zoon van Mariam, uit de hemel in de eindtijd, en de zonsopgang vanuit het westen.
14- De moslim gelooft in de bestraffing in het graf voor wie daarvoor in aanmerking komt, en de zegeningen in het graf voor wie daarvoor in aanmerking komt. Hij gelooft in het ondervragingsproces door de engelen Munkir en Nakir in het graf over zijn Heer, zijn religie en zijn Profeet. En dat het graf een tuin kan zijn uit de tuinen van het Paradijs, of een kuil uit de putten van het Hellevuur.
15- Hij gelooft in de opstanding en de vergelding voor daden op de Dag des Oordeels, en dat het Paradijs en het Hellevuur geschapen zijn en eeuwig zullen voortbestaan.
16- Magie is godslasterlijk tegenover Allah, het is niet toegestaan om het te leren of naar magiërs en bedriegers te gaan. Een moslim mag een priester noch een waarzegger geloven, want wie hen gelooft, begaat godslastering tegen wat is geopenbaard aan onze Profeet Mohammed (vrede zij met hem) .
17 - Een moslim houdt van de metgezellen van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem), houdt van degenen die van hen houden en verafschuwt degenen die hen verafschuwen, want het houden van hen is geloof en goedheid, en het verafschuwen van hen is ongeloof en hypocrisie. De Profeet (vrede zij met hem) zei: "Beledig mijn metgezellen niet," zoals gerapporteerd door Muslim. Iedereen die een van de metgezellen van de Profeet belastert of denigreert (moge Allah tevreden zijn met hen) is een verdwaalde.
16 - Een moslim erkent het kalifaat na de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) en zijn familie: ten eerste voor Abu Bakr as-Siddiq, moge Allah tevreden met hem zijn, als erkenning van zijn superioriteit en vooraanstaande positie boven de gehele gemeenschap. Vervolgens komt Omar ibn al-Khattab, moge Allah tevreden met hem zijn, dan Othman, moge Allah tevreden met hem zijn, en tenslotte Ali ibn Abi Talib, moge Allah tevreden met hem zijn. Zij zijn de rechtgeleide kaliefen en de verlichte leiders.
17- Aanbidding is gebaseerd op openbaring, dus is het niet toegestaan om Allah te aanbidden met een vorm van aanbidding tenzij deze is bevestigd in het boek van Allah of de Soennah van Zijn Boodschapper (vrede zij met hem). Elke vorm van aanbidding die mensen invoeren na de dood van de Profeet, vrede zij met hem, die niet volgens zijn leiding was, wordt beschouwd als een afgekeurde innovatie. Hij (vrede zij met hem) zei: "Wie iets nieuws introduceert in deze zaak van ons dat er niet van is, het zal worden afgewezen." (Overgeleverd door Al-Bukhari).
18- De acceptatie van aanbidding is gerelateerd aan twee basiszuilen: oprechtheid jegens Allah Almachtig in aanbidding en het volgen van de Profeet (vrede zij met hem) in aanbidding, dus aanbidding wordt niet geaccepteerd als het niet oprecht is jegens Allah, noch wordt het geaccepteerd als het niet de leiding van Allah's Boodschapper (vrede zij met hem) volgt.
Mijn geluk ligt in mijn islamitische godsdienst
Allah zegt: {Wie goed doet, man of vrouw, en hij is een gelovige, voorwaar, aan hem zullen Wij een goed leven schenken, en Wij zullen hen zeker belonen met hun loon, naar het beste van wat zij plachten te doen} [An-Nahl: 97].
Eén van de grootste factoren die blijdschap, vreugde en geluk in het hart van een moslim brengt, is zijn directe verbinding met zijn Heer, zonder tussenkomst van levenden, doden of afgoden. Allah de Verhevene heeft in Zijn Edele Boek vermeld dat Hij altijd dicht bij Zijn dienaren is, hen hoort en hun gebeden beantwoordt, zoals Hij Glorieus heeft gezegd: {Wanneer Mijn dienaren jou vragen stellen over Mij, dan ben Ik nabij. Ik verhoor de smeekbede van de smekende wanneer hij Mij aanroept. Laat hen dan gehoor geven aan Mij, en laat hen geloven in Mij, opdat zij rechtgeleid zullen worden} [Al-Baqarah: 186]. En Hij, Glorieus is Hij, heeft ons bevolen om tot Hem te bidden en maakte dit bevel één van de grootste vormen van aanbidding waarmee een moslim dichter bij zijn Heer kan komen. Hij, de Almachtige, zei: {En jullie Heer zegt: "Roep Mij aan, Ik zal jullie verhoren. Waarlijk, degenen die te trots zijn om Mij te aanbidden, zij zullen veracht de Hellevuur binnengaan} [Ghafir: 60]. De rechtschapen moslim heeft altijd behoefte aan zijn Heer, hij bidt constant in Zijn aanwezigheid, en hij nadert Hem met rechtschapen aanbiddingen.
Allah, Verheven is Hij, heeft ons in dit universum geplaatst met een grootse wijsheid, Hij heeft ons niet zonder doel geschapen; dat doel is om Hem alleen, zonder partners, te aanbidden. Hij heeft voor ons een alomvattend goddelijk geloof geïnstalleerd dat al onze privé- en publieke levenszaken regelt. Door deze rechtvaardige wetgeving worden de essenties van het leven beschermd, namelijk ons geloof, onszelf, onze eer, onze geest en onze rijkdom. Wie zijn leven leidt volgens de goddelijke bevelen en verboden ontwijkt, heeft deze essenties beschermd en leeft gelukkig en gerust in zijn leven, zonder twijfel.
De band van een moslim met zijn Heer is diep en brengt rust en gemoedsrust, een gevoel van rust, veiligheid en vreugde, en een gewaarwording van de nabijheid van de Heer, Glorieus is Hij, Zijn zorg en Zijn bescherming van de gelovige dienaar. Hij, de Verhevene, zei: {Allah is de Beschermer van degenen die geloven, Hij brengt hen uit de duisternis naar het licht} [Al-Baqarah: 257].
Deze grandioze relatie is een emotionele toestand die uitnodigt om te genieten van de aanbidding van de Barmhartige, verlangen naar Zijn ontmoeting, en het hart laat zweven in de hemel van geluk door het proeven van de zoetheid van geloof.
Die zoetheid, waarvan de smaak alleen kan worden beschreven door degenen die het hebben geproefd, door het verrichten van gehoorzame daden en het vermijden van slechte daden. Daarom zei de Profeet Mohammed, vrede zij met hem: (De smaak van geloof wordt ervaren door degene die tevreden is met Allah als Heer, met de islam als religie en met Mohammed als Boodschapper) Overgeleverd door Moeslim.
Ja, wanneer de mens het voortdurende aanwezigheid van zijn Schepper beseft, Hem kent door Zijn prachtige Namen en Eigenschappen, Hem aanbidt alsof hij Hem ziet, en zijn aanbidding zuiver houdt voor Allah, en niets anders dan Allah, verheven is Hij, dan leeft hij het goede, gelukkige leven in deze wereld en heeft een goede afloop in het Hiernamaals.
Zelfs de tegenslagen die de gelovige in deze wereld treffen, worden gekoeld door de koelte van zekerheid, en tevredenheid met het lot van Allah, het verheerlijken van Hem in al Zijn besluiten, zowel goed als slecht, en volledige tevredenheid ermee.
Wat de moslim zou moeten nastreven om zijn geluk en tevredenheid te vergroten, is het veelvuldig gedenken van Allah, en het reciteren van de Heilige Koran, zoals Hij zegt: {Zij die geloven, en wiens harten rust vinden in de gedachtenis aan Allah. Want in de gedachtenis aan Allah vinden de harten rust} [Ar-Ra'd: 28]. Hoe meer een moslim Allah gedenkt en de Koran reciteert, hoe sterker zijn band met Allah wordt, hoe puurder zijn ziel wordt en hoe sterker zijn geloof wordt.
Evenzo moet een moslim erop toezien om zijn religieuze aangelegenheden te leren van betrouwbare bronnen zodat hij Allah kan aanbidden met volledig begrip en inzicht. Zoals de Profeet (vrede zij met hem) zei: (Kennis zoeken is een plicht voor elke moslim) Overgeleverd door Ibn Madjah. En de moslim moet volledig onderworpen en volgzaam zijn aan de bevelen van Allah, de Schepper, of hij nu het wijsheid ervan kent of niet. Allah zei immers in Zijn nobele boek: {Het past een gelovige man of vrouw niet, wanneer Allah en Zijn Boodschapper een zaak hebben besloten, om een andere keuze te hebben in hun zaak. En wie Allah en Zijn Boodschapper niet gehoorzaamt, verkeert zeker in duidelijke dwaling} [Al-Ahzab: 36].
Moge Allah vrede en zegeningen schenken aan onze Profeet Mohammed, zijn familie en al zijn metgezellen.