68 : 15
إِذَا تُتۡلَىٰ عَلَيۡهِ ءَايَٰتُنَا قَالَ أَسَٰطِيرُ ٱلۡأَوَّلِينَ
Als Onze verzen voor hem gereciteerd worden, zegt hij: “Verhaaltjes van de ouderen!".
إِذَا تُتۡلَىٰ عَلَيۡهِ ءَايَٰتُنَا قَالَ أَسَٰطِيرُ ٱلۡأَوَّلِينَ
Als Onze verzen voor hem gereciteerd worden, zegt hij: “Verhaaltjes van de ouderen!".