Skip to content
التوبَة /

Vers 117

9 : 117
التوبَة Verzen 129
Soera · التوبَة
Nederlands · Center
9 : 117

لَّقَد تَّابَ ٱللَّهُ عَلَى ٱلنَّبِيِّ وَٱلۡمُهَٰجِرِينَ وَٱلۡأَنصَارِ ٱلَّذِينَ ٱتَّبَعُوهُ فِي سَاعَةِ ٱلۡعُسۡرَةِ مِنۢ بَعۡدِ مَا كَادَ يَزِيغُ قُلُوبُ فَرِيقٖ مِّنۡهُمۡ ثُمَّ تَابَ عَلَيۡهِمۡۚ إِنَّهُۥ بِهِمۡ رَءُوفٞ رَّحِيمٞ

Allah heeft de Profeet vergeven, de emigranten en de ansar (de helpers van de Profeet vrede zij met hen, inwoners van Medina) die hem in moeilijke tijden volgden, nadat de harten van een gedeelte van hen bijna waren afgeweken. Vervolgens aanvaardde Hij hun berouw. Zeker, Hij is vol vriendelijkheid voor hen, de meest Genadevolle.