8 : 32
وَإِذۡ قَالُواْ ٱللَّهُمَّ إِن كَانَ هَٰذَا هُوَ ٱلۡحَقَّ مِنۡ عِندِكَ فَأَمۡطِرۡ عَلَيۡنَا حِجَارَةٗ مِّنَ ٱلسَّمَآءِ أَوِ ٱئۡتِنَا بِعَذَابٍ أَلِيمٖ
En weet toen zij zeiden: “O Allah! Als dit inderdaad de waarheid door U (geopenbaard is), laat het dan voor ons stenen regenen uit de hemel of breng ons een pijnlijke bestraffing.”