34 : 35
وَقَالُواْ نَحۡنُ أَكۡثَرُ أَمۡوَٰلٗا وَأَوۡلَٰدٗا وَمَا نَحۡنُ بِمُعَذَّبِينَ
En zij zeiden: “Wij hebben meer rijkdom en kinderen en wij zullen niet gestraft worden.”
وَقَالُواْ نَحۡنُ أَكۡثَرُ أَمۡوَٰلٗا وَأَوۡلَٰدٗا وَمَا نَحۡنُ بِمُعَذَّبِينَ
En zij zeiden: “Wij hebben meer rijkdom en kinderen en wij zullen niet gestraft worden.”