28 : 12
۞ وَحَرَّمۡنَا عَلَيۡهِ ٱلۡمَرَاضِعَ مِن قَبۡلُ فَقَالَتۡ هَلۡ أَدُلُّكُمۡ عَلَىٰٓ أَهۡلِ بَيۡتٖ يَكۡفُلُونَهُۥ لَكُمۡ وَهُمۡ لَهُۥ نَٰصِحُونَ
En Wij hadden al minnen voor hem verboden, tot zij zei: “Zal ik u een huishouden wijzen die hem voor u zal opvoeden en trouw voor hem zal zorgen op de goede manier?”