Skip to content
الأحقَاف /

Vers 17

46 : 17
الأحقَاف Verzen 35
Soera · الأحقَاف
Nederlands · Center
46 : 17

وَٱلَّذِي قَالَ لِوَٰلِدَيۡهِ أُفّٖ لَّكُمَآ أَتَعِدَانِنِيٓ أَنۡ أُخۡرَجَ وَقَدۡ خَلَتِ ٱلۡقُرُونُ مِن قَبۡلِي وَهُمَا يَسۡتَغِيثَانِ ٱللَّهَ وَيۡلَكَ ءَامِنۡ إِنَّ وَعۡدَ ٱللَّهِ حَقّٞ فَيَقُولُ مَا هَٰذَآ إِلَّآ أَسَٰطِيرُ ٱلۡأَوَّلِينَ

Maar degene die tegen zijn ouders zegt: “Foei jullie! Waarschuwen jullie mij dat ik opgewekt zal worden, terwijl de generaties vóór mij overleden zijn (en er nog niet één is opgestaan uit zijn graf).” Dan roepen zij (de ouders) Allah aan voor hulp (en zeggen tegen hun kind): “Wee voor jouw geloof! Waarlijk, de belofte van Allah is waar.” Maar hij zegt: “Dit zijn niet anders dan verhalen van de vroegeren.”