Skip to content
طه /

Vers 18

20 : 18
طه Verzen 135
Soera · طه
Nederlands · Center
20 : 18

قَالَ هِيَ عَصَايَ أَتَوَكَّؤُاْ عَلَيۡهَا وَأَهُشُّ بِهَا عَلَىٰ غَنَمِي وَلِيَ فِيهَا مَـَٔارِبُ أُخۡرَىٰ

Hij zei: “Dit is mijn stok waarop ik leun en waarmee ik takken neerhaal voor mijn schapen en waarin andere voordelen zitten.”