19 : 42
إِذۡ قَالَ لِأَبِيهِ يَٰٓأَبَتِ لِمَ تَعۡبُدُ مَا لَا يَسۡمَعُ وَلَا يُبۡصِرُ وَلَا يُغۡنِي عَنكَ شَيۡـٔٗا
Toen hij tegen zijn vader zei: “O, mijn vader! Waarom aanbid jij datgene wat niet hoort of ziet, noch waar jij iets van krijgt?