Skip to content
الرَّعد /

Vers 36

13 : 36
الرَّعد Verzen 43
Soera · الرَّعد
Nederlands · Center
13 : 36

وَٱلَّذِينَ ءَاتَيۡنَٰهُمُ ٱلۡكِتَٰبَ يَفۡرَحُونَ بِمَآ أُنزِلَ إِلَيۡكَۖ وَمِنَ ٱلۡأَحۡزَابِ مَن يُنكِرُ بَعۡضَهُۥۚ قُلۡ إِنَّمَآ أُمِرۡتُ أَنۡ أَعۡبُدَ ٱللَّهَ وَلَآ أُشۡرِكَ بِهِۦٓۚ إِلَيۡهِ أَدۡعُواْ وَإِلَيۡهِ مَـَٔابِ

Degenen aan wie Wij het Boek hebben gegeven, verheugen zich over datgene wat aan jou geopenbaard is maar er zijn onder de bondgenoten degenen die een deel daarvan verwerpen. Zeg: “Mij is bevolen om (alleen) Allah te aanbidden en Hem geen deelgenoten toe te kennen. Hem (alleen) roep ik aan en tot Hem is mijn terugkeer.”