Skip to content
يُوسُف /

Vers 14

12 : 14
يُوسُف Verzen 111
Soera · يُوسُف
Nederlands · Center
12 : 14

قَالُواْ لَئِنۡ أَكَلَهُ ٱلذِّئۡبُ وَنَحۡنُ عُصۡبَةٌ إِنَّآ إِذٗا لَّخَٰسِرُونَ

Zij zeiden (in volle overtuiging tegen hun vader): “Als een wolf hem kan verslinden terwijl wij een sterke en moedige groep vormen, dan (zijn we een groep van niks en) behoren we zeker tot de verliezers.”