Een moslim wordt niet getroffen door vermoeidheid, ziekte, verdriet, pijn, schade, of zelfs een doorn die hem prikt, zonder dat Allah daarmee een deel van zijn zonden vergeeft
Aboe Sa'id al-Khoedri en Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hen ) zeiden dat, de profeet (vrede zij met hem), zei:
Een moslim wordt niet getroffen door vermoeidheid, ziekte, verdriet, pijn, schade, of zelfs een doorn die hem prikt, zonder dat Allah daarmee een deel van zijn zonden vergeeft.
«مَا يُصِيبُ الْمُسْلِمَ مِنْ نَصَبٍ وَلَا وَصَبٍ وَلَا هَمٍّ وَلَا حُزْنٍ وَلَا أَذًى وَلَا غَمٍّ حَتَّى الشَّوْكَةِ يُشَاكُهَا إِلَّا كَفَّرَ اللهُ بِهَا مِنْ خَطَايَاهُ».
De profeet (vrede zij met hem) legde uit dat alles wat een moslim treft aan ziektes, zorgen, verdriet, beproevingen, moeilijkheden, tegenslagen, angst of honger - zelfs als het een doorn is die hem prikt en pijn doet - een verzoening is voor zijn zonden en een uitwissing van zijn fouten.
نصب: التعب.
وصب: المرض .
De uitleg van de gunsten van Allah aan Zijn gelovige dienaren en Zijn genade voor hen door de vergeving van zonden met minimale schade voor hen.
Het behoort tot het gedrag van een moslim om bij Allah rekenschap af te leggen voor wat hem overkomt en geduldig te zijn, zowel met kleine als grote beproevingen, zodat dit voor hem een verheffing in rangen wordt en een verzoening voor zonden.
Sahih al-Boekhari (7/ 114) (5641).
Sahih Moeslim (4/ 1992) (2572).
Meer (11)
كنوز رياض الصالحين.
لمجموعة من الباحثين (1/ 489).
شرح رياض الصالحين.
لابن عثيمين (1/ 242).
شرح النووي على مسلم (16/ 126).
تطريز رياض الصالحين.
لفيصل آل مبارك (ص44).
بهجة الناظرين شرح رياض الصالحين.
لسليم الهلالي (1/ 96).
نزهة المتقين شرح رياض الصالحين.
لمصطفى الخِن وغيره (1/ 70).
Geciteerd in boeken
2 BoekenMeer (2)
- رياض الصالحينرياض الصالحين مع فوائد وهدايات - 1 «مَا يُصِيبُ الْمُسْلِمَ مِنْ نَصَب وَلاَ وَصَبٍ وَلاَ هَمٍّ وَلاَ حَزَنٍ وَلاَ أذىٰ وَلا غَمٍّ، حَتَّىٰ الشَّوْكَةُ يُشَاكُهَا إِلَّا كَفَّرَ اللهُ بِهَا مِنْ خَطَايَاهُ».
- موسوعة الأسئلة (المجموعة الأولى)« مَا يُصِيبُ الْمُسْلِمَ مِنْ نَصَبٍ وَلَا وَصَبٍ وَلَا هَمٍّ وَلَا حُزْنٍ وَلَا أَذًى وَلَا غَمٍّ، حَتَّى الشَّوْكَةِ يُشَاكُهَا إِلَّا كَفَّرَ اللهُ بِهَا مِنْ خَطَايَاهُ».